Thyborøn - Hals

 

Thyborøn - Nykøbing, zaterdag 25 juli 1981

Als we vertrekken heb ik al vers water ingeslagen en heb vers brood gehaald bij de bakker die al vanaf vijf uur open is.

Onze bestemming vandaag is Livø, een klein eilandje in de Limfjord dat volgens de beschrijving in het handboek uitstekend geschikt is om er een paar dagen te blijven. Het zeilweer valt echter zwaar tegen want als we een uur onderweg zijn valt de wind bijna helemaal weg. We zijn vandaag echter fanatiek en we 'zeilen' door maar leuk is het niet. Het is nevelig en de kant is nauwelijks waarneembaar.

Na een urenlange drijfpartij gaat het buitenboord pruttelaartje toch maar bij en nadat we onder de grote verkeerbrug bij Glyngøre zijn doorgevaren gaan we naar de jachthaven van Nykøbing op het eiland Mors. Alhoewel Glyngøre er leuker uitziet vanaf het water, heeft Nykøbing betere voorzieningen als we het haven handboek mogen geloven. We hebben ook geen spijt, want in het 'service center'dat in het vroegere tolhuis in de vissershaven is ondergebracht, kunnen we heel goed douchen. We eten in een van de plaatselijke restaurants en het maakt ons uitstekend. Na een rondje in het stadje keren we terug naar de 'Vivere'. Ons oorspronkelijke plan om naar Livø te gaan laten we niet varen en we besluiten er morgen naar toe te varen.

 

Nykøbing - Ålborg, zo 26 juli 1981

Zeilen is populair bij de Denen en in de Limfjord zien we veel smalle boten met erg veel zeil.
We vertrekken zondagmorgen  te samen met een groep van dergelijke boten uit de haven.

Het weer is niet erg ideaal, het waait hard en het regent af en toe. Als we na zo'n twee uur zeilen Livø naderen lokt het niet erg om hier te blijven. De weersverwachting voor de komende dag is niet erg gunstig en daarom varen we door. Bij Løgstør varen we door de Løgstør Bredning en we zien duidelijk dat we door een geul varen en het diepere water is goed te herkennen. Aan weerszijden van waar we varen is het water niet dieper dan 30 a 40 cm. Vanaf Løgstør tot ver na de Aggersund brug varen we in de file. Dit komt, zoals we later begrijpen, omdat er erg veel boten naar Ålborg terugkeren na het weekend. Inmiddels is het zo mistig geworden dat we de bakens in de vaargeul maar nauwelijks meer waar kunnen nemen. We weten niet precies meer waar we zijn, maar de twee boten voor ons wijzen de weg (hopen we tenminste).

Als op het eind van de middag de mist wat optrekt kunnen we vaststellen dat we al in de buurt van Ålborg zijn. Hoewel van ons plan niet zoveel terecht gekomen is, zijn we wel aardig opgeschoten en hebben we wel de hele dag kunnen zeilen. De afgelegde afstand hebben we vanaf de kaart moeten 'prikken' omdat ons sleeplog constant kilo's waterplanten meesleepte en daarom niet goed meer kon aangeven.

In een grote jachthaven van Ålborg vinden we met moeite een plekje. Men werkt hier met een systeem van groene en rode bordjes op de ligplaatsen. Een groen bordje geeft aan dat de plek (tijdelijk) vrij is. Met een geschreven datum geeft men aan hoe lang er gebruik van kan worden gemaakt. Ook hier zijn goede sanitaire voorzieningen. Zowel in de douche als bij de wasbakken warm en koud stromend water en geen liggeld. Het Waarschip is ook hier een bekende verschijning want we zien in de haven twee andere kwarttonners en een halftonner.

 

Ålborg - Hals, ma 27 juli 1981

De volgende morgen is het weer gelukkig stukken beter. Voor vertrek halen we nog even wat Deens geld bij een bank.

Achter de balie probeert een jongedame in haar beste schoolengels iets uit te leggen maar krijgt na drie zinnen zo de slappe lach dat een collega ons verder helpt. We hadden op Helgoland de rode benzinecontainer voor de buitenboordmotor voor het laatst bijgevuld en daarom zorgen we ervoor dat we weer met vol gaan vertrekken. Ook slaan we weer wat 'verse' boodschappen zoals brood, melk en dergelijke. In ons klein scheepje hebben we maar weinig ruimte voor grote voorraden, maar toch hebben we bijvoorbeeld vlees dat we zelf hebben laten inblikken en gedroogde groenten bij ons. Ook bakken we af en toe ons eigen brood in een 'oventje' dat bestaat uit het deksel en de twee grootste pannen van ons kampeersetje.

Bij vertrek rond de middag staat er een zwakke oostelijke wind. De zon schijnt en het is warm. Ideaal 'motorweer' dus. Nadat we de spoorbrug gepasseerd zijn ligt 500 meter verder een verkeersbrug. Om één of andere ons onbekende reden wordt de brug niet bediend en na een tijdje wat rondjes draaien worden we door de brugwachter vanuit zijn hoge post naar de kant gedirigeerd. Daar ontwaren we een groep andere wachtenden en die vertellen ons dat er werkzaamheden worden uitgevoerd. Na ruim twee uur wachten gaat de brug open, maar tegen die tijd is er geen zuchtje wind meer. We varen door tot in de vooravond, en eten onderweg ons avondeten dat Hilda al varende heeft klaargemaakt. In de jachthaven van Hals dat aan de Oostzee kant van de Limfjord ligt maken we vast. We zien hier ook de twee andere Nederlandse jachten terug die we ook al in de buurt van Nykøbing zagen.

Van een kennismaking komt niets terecht omdat de 'Manon' ons buurschip in Harlingen de haven binnen komt varen. Zij zijn een week eerder dan wij vertrokken en hebben onderweg nogal slecht weer gehad. Fer en Ien hebben ruim 48 uur aan één stuk doorgevaren van Vlieland naar Sylt en dat is hen niet in de kouwe kleren gaan zitten. Een tussentijds zakelijke tweedaagse reis van Fer naar Engeland heeft ook nog eens bijgedragen aan de langere reisduur. In tegenstelling tot onze Zweedse bestemming zullen zij zo snel mogelijk via de oostkant van Jutland naar het Kieler kanaal gaan varen. Het is een genoeglijke avond en we constateren dat een reis met meerdere schepen toch wel erg plezierig kan zijn.

Information

Op alle afbeeldingen rust een copyright!
U is niet gerechtigd delen van deze website
te kopieren of te vermenigvuldigen
op welke wijze dan ook

online bezoekers

We hebben 48 gasten en geen leden online

Zoeken